Uitstelgedrag, perfectionisme en meedogenloze zelfkritiek, u heeft er allemaal ongetwijfeld persoonlijke ervaring mee. Dit soort zelfsaboterend gedrag voelt voor veel mensen als een persoonlijke tekortkoming. Alsof er iets “mis” is met hun discipline, karakter of wilskracht. Maar wie iets dieper kijkt, ontdekt iets verrassends: zelfsaboterend gedrag kan worden begrepen als een oeroude beschermingsstrategie. Gericht op het ontlopen van risico’s.
Onze hersenen zijn niet geëvolueerd om u gelukkig of virtuoos te maken, maar om ervoor te zorgen dat u blijft leven. Uw brein maalt er niet om hoe u zich voelt, zolang u het maar lang genoeg overleeft om uw genen door te geven. Duizenden generaties lang betekenden fouten maken, afwijken van de groep of opvallen, soms letterlijk levensgevaar. Wie te veel risico nam, werd sneller uitgesloten, verwond of gedood. Voorzichtigheid loonde. Vanuit dat perspectief is het logisch dat uw reptielenbrein, het deel van uw brein dat over uw emoties gaat, sterk gericht is op het vermijden van verlies; het beperken van sociale afwijzing en het minimaliseren van onzekerheid. Verandering is in evolutionaire zin per definitie riskant. Nieuw gedrag kan grote voordelen opleveren, maar ook onvoorziene negatieve consequenties hebben. Ons brein weegt die potentiële verliezen vaak zwaarder dan mogelijke winsten: ‘Better safe than sorry.’ Dit is een principe dat in de moderne psychologie bekendstaat als ‘loss aversion'.
Zelfsabotage is dus niet een bewijs van uw onvermogen, maar van de wijze waarop uw geest, gevormd door millennia van overleving, u probeert te behoeden voor pijn. Een moderne stoïcijn weet echter dat de ware bedreiging niet in de buitenwereld ligt, maar in de interpretatie daarvan. Uw perfectionisme, uitstelgedrag en zelfkritiek zijn slechts strategieën van een brein dat denkt te vechten tegen onzekerheid en falen. Het is een poging tot controle waar geen controle mogelijk is.
Wat wij tegenwoordig ‘loss aversion’ noemen, was dus bedoeld om ons te beschermen en onze overlevingskans te vergroten. Ironisch genoeg werkt dit mechanisme in de moderne wereld vaak averechts. Wat ooit bescherming bood, ondermijnt nu creativiteit, initiatief en leervermogen. Besef wel dat die innerlijke stem van kritiek, die drang om alles uit te stellen of tot in het perfecte te polijsten, niets anders dan de onhandige bewaker van uw reptielenbrein is. Hij is geplaatst bij de poort van uw gemoedsrust, maar hij kent alleen de taal van angst. Zijn doel is nobel, u beschermen, maar zijn methodes zijn nogal klungelig en werken in onze moderne tijd averechts.
Heb dus wat compassie met uw reptielenbrein. Hij weet niet beter. Erken dit zonder woede. Zeg niet: "Ik moet dit gedrag uitroeien." Maar zeg: "Ik hoor je, ik zie je, ik weet dat je me wilt beschermen, maar je werk is overbodig geworden." Het helpt niet om tegen uzelf te vechten. U moet de wetten van uw eigen geest leren kennen. Wanneer uw innerlijke criticus u weer eens lastig valt, zie het dan voor wat het is: een overdreven reactie op de dreiging van een oordeel, een mislukking, of de onvoorspelbaarheid van het leven. Die dreiging is niet reëel. Wat wél reëel is, is uw vermogen om die gedachte te aanvaarden, te onderzoeken, en haar haar macht te ontnemen.
Vervang de kritiek niet met blind zelfvertrouwen en overdreven optimisme, maar met een heldere, objectieve blik. Oefen uzelf in ‘apatheia’, niet in ongevoeligheid, maar vrijheid van verstorende passies. Vraag uzelf af: "Helpt deze zelfkritiek mij om wijzer, moediger of rechtvaardiger te handelen?" Bijna altijd is het antwoord: nee. Het verlamt slechts. Richt uw aandacht dan op wat wél binnen uw macht ligt: uw volgende handeling, uw huidige inspanning, de integriteit van dit moment. Verander uw innerlijke criticus langzaam maar zeker in uw innerlijke coach. Een stem die u op een milde vriendelijke manier helpt om virtuoser te worden.
Perfectionisme is de angst dat hetgeen wat u maakt of doet, niet goed genoeg zal zijn om de afkeuring van de wereld of van uzelf te weerstaan. Maar als stoïcijn herinnert u zich: "Mijn waarde ligt niet in het volmaakte resultaat, dat tenslotte altijd buiten mijn volledige controle ligt. Mijn waarde ligt in de intentie en de toegewijde poging”. Een fout is geen moreel falen; het is data. Leer ervan en ga verder.
Uitstelgedrag is een list van de geest om de confrontatie met mogelijke teleurstelling uit te stellen. Het zegt: "De pijn van het niet-doen is nu draaglijker dan de mogelijke pijn van het falen." Maar het berooft u van de enige tijd die u werkelijk hebt: het nu. Oefen in het onderscheiden tussen wat moeilijk is en wat ondraaglijk is. De taak zelf is zelden ondraaglijk; de angst ervoor wel. Begin. Het begin ontkracht de tirannie van de verbeelding.
Wanneer we deze aangeboren neigingen zien als signalen van een beschermend systeem, ontstaat ruimte voor mildheid en verandering. Kleine, incrementele stappen voelen voor het brein veiliger dan radicale sprongen. Zo kan vooruitgang plaatsvinden zonder het alarmsysteem volledig te activeren.
De stoïcijnen begrepen dit intuïtief. Zij benadrukten het onderscheid tussen wat binnen en buiten onze controle ligt. Falen was voor hen geen kwaad. Door de betekenis van falen te herdefiniëren, verlaagden zij het ervaren risico van handelen. Niet door roekeloos te worden, maar door hun oordeel over risico te herzien. Wees daarom geen vijand van uw eigen beschermingsmechanismen. Wees hun soevereine leider. Erken hun aanwezigheid met een kalme, onverstoorde geest. Bedank ze voor hun waakzaamheid, en leg dan uit dat hun diensten niet langer nodig zijn. De echte veiligheid wordt niet gevonden in het vermijden van alle risico's, maar in de onwankelbare overtuiging dat u, ongeacht de uitkomst, met wijsheid en moed kunt handelen. U bent niet het slachtoffer van dit gedrag. U bent de enige die het kan observeren, en dus de enige die er afstand van kan nemen. De gedachte komt, maar u bepaalt zelf of u erin gelooft en ernaar handelt. Dat is de kern van de stoïcijnse vrijheid. Saboteer uzelf niet door te vechten tegen de sabotage. Omarm de regie door helder te zien, en rustig te kiezen.
Zelfsaboterend gedrag is geen teken van zwakte, maar van een brein dat veiligheid hoger waardeert dan groei. Het probleem is niet dat dit systeem bestaat, maar dat het in de moderne wereld vaak te scherp afgesteld staat. Wie dat begrijpt, hoeft zichzelf niet te bevechten, maar kan leren samenwerken met zijn eigen beschermingsmechanismen. Niet door geweld of zelfverwijt, maar door begrip, geleidelijke verandering en het herwaarderen van wat “falen” werkelijk betekent.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten