De woorden die we gebruiken om de wereld te beschrijven, bepalen in hoge mate hoe we die wereld ervaren. Wie zegt een geweldige vakantie of een verschrikkelijke week te hebben gehad, gebruikt woorden die veel meer doen dan alleen feiten beschrijven. Ze bevatten al een oordeel. Begrippen als fantastisch, afschuwelijk, mega of vreselijk geven gebeurtenissen meteen een sterke emotionele lading. Daardoor versterken ze ook de emoties die we ervaren. De stoïcijnen waren zich hiervan bewust. Zij waarschuwden ervoor om niet te snel grote waardeoordelen te verbinden aan gebeurtenissen. Ze kloppen vaak niet. De wereld is nu eenmaal zelden zwart of wit maar veelal een of andere grijstint. Vermijd daarom grote woorden. Zowel tegenover anderen als bij uw eigen innerlijke dialoog. Alleen virtuositeit is absoluut goed en alleen het tegendeel daarvan is echt slecht. Al het andere is relatief.
Volgens de stoïcijnen zijn de meeste dingen die ons overkomen op zichzelf noch goed, noch slecht. Alleen datgene wat ons een beter mens maakt is werkelijk goed, en alleen datgene wat ons minder goed maakt is werkelijk slecht. Wie deze hiërarchie uit het oog verliest, maakt zichzelf afhankelijk van omstandigheden waarover hij weinig of geen controle heeft. Opmerkelijk genoeg sluit deze stoïcijnse visie goed aan bij een begrip uit de moderne besliskunde: lexicografische waardering. Laten we eens kijken hoe dat werkt.
In de economie, speltheorie en besliskunde wordt met lexicografische waardering een manier bedoeld om keuzes te ordenen. Daarbij worden criteria niet tegen elkaar afgewogen, maar in een vaste hiërarchie geplaatst. Het eerste criterium heeft altijd absolute voorrang. Pas wanneer twee opties op dat eerste criterium gelijk scoren, wordt naar het tweede criterium gekeken. Is ook dat gelijk, dan volgt het derde criterium, enzovoort. Een voorbeeld om het wat te verduidelijken. Stel dat u uit drie banen kunt kiezen en de volgende volgorde van belangrijkheid hanteert:
Salaris.
Werk-privébalans.
Afstand van huis.
Volgens een lexicografische ordening wint baan B onmiddellijk, omdat deze het hoogste salaris biedt. De slechte werk-privébalans speelt geen rol meer. Alleen wanneer B niet beschikbaar zou zijn, vergelijken we A en C op het tweede en vervolgens het derde criterium.
Het eerste criterium is dus absoluut beslissend.
Precies hetzelfde principe vinden we terug in de stoïcijnse ethiek. Voor de stoïcijnen bestaat er uiteindelijk slechts één werkelijk waardevol criterium: virtuositeit (deugd, aretè). De kardinale deugden, wijsheid, rechtvaardigheid, moed en zelfbeheersing vormen de enige echte bron van geluk. Of natuurlijk uw eigen persoonlijke set van voor u belangrijke karaktereigenschappen. Alles wat daarbuiten valt, gezondheid, rijkdom, status, schoonheid, macht of zelfs een langdurige relatie, behoort tot de categorie van de onverschillige dingen (indifferents). Dat betekent niet dat deze zaken waardeloos zijn, maar wel dat zij geen morele waarde bezitten. Voor het leiden van een virtuoos en gelukkig leven zijn ze niet nodig en daar draait het voor de stoïcijnen om. Externe omstandigheden veranderen immers voortdurend. Gezondheid kan omslaan in ziekte, rijkdom kan verloren gaan, vrienden kunnen vertrekken en geliefden kunnen overlijden. Wie zijn geluk afhankelijk maakt van zulke veranderlijke omstandigheden, legt zijn welzijn in handen van het toeval. Juist daarom krijgt de virtuositeit bij de stoïcijnen absolute voorrang. In termen van lexicografische waardering ziet de stoïcijnse hiërarchie er als volgt uit:
Virtuoos of niet?
Te prefereren of afkeurenswaardige onverschillige zaken?
Neutrale voorkeuren.
Ad 1 De eerste en beslissende laag: Virltuositeit
Het eerste criterium luidt eenvoudig: Maakt deze keuze mij een beter mens? Als het antwoord op die vraag verschilt tussen twee opties, dan is de keuze onmiddellijk gemaakt. Geen enkele hoeveelheid rijkdom, gezondheid of succes kan een gebrek aan virtuositeit compenseren. Een arm maar rechtvaardig mens leeft daarom beter dan een rijke maar corrupte zakenman. Niet omdat armoede op zichzelf goed zou zijn, maar omdat morele kwaliteit altijd zwaarder weegt dan uiterlijke omstandigheden. Hier zien we de overeenkomst met lexicografische waardering: over het eerste criterium valt niet te onderhandelen. Virtuositeit is niet één waarde naast andere waarden; zij is de voorwaarde waaronder alle andere waarden betekenis krijgen.
Ad 2 De tweede laag: Te prefereren onverschillige dingen
Latere stoïcijnen, zoals Seneca, en moderne denkers als Lawrence Becker en Massimo Pigliucci benadrukken dat onverschillige zaken niet onbelangrijk zijn en onderling wel degelijk verschillen. Zij onderscheiden twee categorieën.
Te prefereren onverschillige dingen:
gezondheid;
kennis;
vriendschap;
financiële zekerheid;
maatschappelijke samenwerking.
Afkeurenswaardige onverschillige dingen:
ziekte;
armoede;
onwetendheid;
lichamelijk lijden.
Hoewel deze zaken geen morele waarde hebben, zijn zij wel degelijk van praktisch belang. Gezondheid maakt het bijvoorbeeld gemakkelijker om rechtvaardig te handelen dan een ernstige ziekte. Rijkdom kan worden gebruikt om anderen te helpen. Vriendschappen kunnen een vruchtbare omgeving vormen waarin virtuositeit zich ontwikkelt. Maar deze voorkeur geldt alleen zolang de virtuositeit zelf niet in gevaar komt. Dat betekent bijvoorbeeld dat een stoïcijn liever gezond is dan ziek, liever voldoende inkomen heeft dan armoede lijdt en liever vrienden heeft dan eenzaam is. Toch zal hij geen van deze zaken verkrijgen door oneerlijkheid of onrechtvaardigheid.
Ad 3 De derde laag: Neutrale voorkeuren
Wanneer twee opties zowel even virtuoos zijn als dezelfde praktische voordelen bieden, blijven er nog talloze kleine voorkeuren over. Het gaat dan om persoonlijke voorkeuren die van persoon tot persoon kunnen verschillen. Denk bijvoorbeeld aan:
de kleur van uw kleding;
de inrichting van uw huis;
de smaak van uw eten.
Deze voorkeuren hebben geen morele betekenis en nauwelijks praktische gevolgen. Uw persoonlijke voorkeuren mogen daarom de doorslag geven wanneer alle belangrijkere criteria gelijk zijn. Dit is belangrijk, laten we het verschil tussen de verschillende niveaus daarom duidelijk maken aan de hand van twee voorbeelden.
Voorbeeld 1: De filosoof en de zakenman
Stel dat u kunt kiezen tussen twee levens. De eerste optie is die van een wijze filosoof. U leeft eenvoudig en hebt weinig geld, maar handelt rechtvaardig, verstandig en moedig. De tweede optie is die van een rijke zakenman die zijn fortuin heeft opgebouwd door bedrog en uitbuiting. De filosoof wint onmiddellijk. Zijn armoede doet er eenvoudig niet toe, omdat de vergelijking al op het eerste criterium is beslist. Virtuositeit heeft absolute prioriteit.
Voorbeeld 2: Twee virtuoze levens
Stel nu dat beide personen even virtuoos zijn. De één is een arme ziekelijke maar rechtvaardige leraar. De ander is eveneens een rechtvaardige leraar, maar beschikt over meer financiële middelen en verkeert bovendien ook nog in goede gezondheid. Nu komt het tweede niveau in beeld. Omdat de virtuositeit gelijk is, mag de rijkere en gezondere leraar worden verkozen. Niet omdat rijkdom geluk garandeert, maar omdat zij een te prefereren toestand vormt die het gemakkelijker kan maken om goed te handelen en anderen van dienst te zijn.
Veel mensen, misschien u ook wel, denken dat rijkdom, schoonheid, macht en gezondheid vanzelfsprekend goede dingen zijn. De stoïcijnen zouden zeggen dat dit een vergissing is. Geen van deze zaken is op zichzelf goed of slecht. Hun waarde hangt volledig af van de manier waarop ze worden gebruikt. Rijkdom kan ziekenhuizen bouwen of oorlogen financieren. Macht kan vrijheid beschermen of onderdrukking veroorzaken. Intelligentie kan worden ingezet voor wetenschappelijke vooruitgang of voor geraffineerde misleiding. Alleen uw virtuositeit bepaalt of deze middelen ten goede of ten kwade worden gebruikt. De vergelijking met lexicografische waardering maakt duidelijk waarom de stoïcijnse ethiek tegelijk principieel én praktisch is. Bij iedere belangrijke beslissing kunnen we onszelf drie vragen stellen:
Welke keuze is het meest virtuoos?
Als beide keuzes even virtuoos zijn, welke biedt dan de meeste voorkeurenswaardige omstandigheden, zoals gezondheid, kennis of vriendschap?
Als ook daarin geen verschil bestaat, welke persoonlijke voorkeur spreekt mij dan het meeste aan?
Deze eenvoudige volgorde kan voorkomen dat u zich laat meeslepen door geld, status of angst voor verlies. Ze helpt u uw aandacht te richten op datgene waar we werkelijk invloed op hebben: ons karakter. Lexicografische waardering is ontwikkeld als hulpmiddel binnen de economie en besliskunde, maar blijkt verrassend goed aan te sluiten bij de structuur van de stoïcijnse ethiek. De stoïcijnen wegen virtuositeit niet af tegen gezondheid, rijkdom of succes. Virtuositeit staat bovenaan de hiërarchie en heeft altijd absolute voorrang. Pas wanneer twee mogelijkheden moreel gelijkwaardig zijn, mogen voorkeurenswaardige onverschillige dingen de doorslag geven. En alleen wanneer ook die gelijk zijn, blijven persoonlijke voorkeuren over. Deze manier van denken biedt een helder kompas voor het dagelijks leven. Ze maakt duidelijk dat een goed leven niet wordt bepaald door wat ons overkomt, maar door de kwaliteit van onze keuzes. Wie virtuositeit als hoogste criterium hanteert, blijft vrij, ook wanneer het lot tegenzit. En juist daarin ligt volgens de stoïcijnen de ware basis van geluk.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten