vrijdag 17 mei 2013

STOÏCIJNEN IN DE SUPERMARKT


Je staat in een winkel in de rij voor de kassa en iemand komt aanlopen en gaat voor je staan. Wat doe je en wat voel je? Je zou kunnen oordelen dat deze situatie slecht is: "Ik stond hier eerder, dus mag ik eerder afrekenen. Ga jij eens achter in de rij staan, idioot! Ik stond hier!". De instemming met jet oordeel dat de situatie slecht is gaat gelijk op met de impuls om kwaad te zijn: als je eenmaal vindt dat dit een slechte, onterechte situatie is waarin kwaadheid past, word je tegelijk en volautomatisch kwaad. Als je niet met het oordeel instemt, zal de emotie zich ook niet voordoen. Als de persoon die net voorbij komt gelopen een medewerker is, die achter de kassa wil gaan zitten, dan gaat niet langer op dat de situatie slecht is. Het oordeel verandert en de emotie blijft uit. Waarom zou je als iemand wel voordringt niet ook kunnen oordelen dat kwaadheid niet gepast is als reactie. Onze oordelen hangen af van de waarnemingen die we doen en van onze interpretatie daarvan.
Emoties zijn menselijks. Iedereen wordt wel eens boos, blij of verliefd. Maar volgens de stoïcijnen zijn die emoties de belangrijkste oorzaak van een ongelukkig leven. Ze brengen de mens in de war en leiden hem juist weg van het geluk. Een emotie is een verkeerd oordeel over wat er gebeurd: wie zich door zijn emotie laat leiden, hecht een irrationele waarde aan dingen die eigenlijk onbelangrijk, 'indifferent' zijn. Volgens de stoïcijnen zijn emoties excessieve rationele impulsen die binnen je macht liggen. Dit betekent dat je volledig verantwoordelijk bent voor je emoties en de handelingen die daaruit volgen.

Het vellen van een oordeel is aan ons en dus is het hebben van emoties ook onze verantwoordelijkheid en iets waarop we controle kunnen uitoefenen doordat een emotie niet meer is dan een bepaalde reactie op een impressie die zich aan ons voordoet. Uit het bovenstaande voorbeeld volgt niet dat je volgens de Stoa maar iedereen moet laten voordringen, maar dat reageren vanuit je emotie (in plaats van op een redelijke manier) niet de beste reactie is en je onnodig ongelukkig maakt. De meeste mensen zullen het er mee eens zijn dat het soms niet verstandig is te reageren vanuit je emoties. De Stoa gaat nog een stap verder. Volgens de stoïcijnen is het in geen enkel geval goed om vanuit je emoties te reageren.
Naast irrationele ongeluk brengende emoties zijn er nog andere positieve emoties. Deze zogenaamde eupatheia zijn 'goede affectieve responsen'. Deze zijn niet excessief en irrationeel, maar het zijn juiste rationele oordelen die in de gegeven situatie passend zijn. Dit zijn impulsen die een stoïcijn wel graag wil hebben. Eupatheia zijn bijvoorbeeld voorzichtigheid, oplettendheid en blijdschap.

Een stoïcijn is vrij van emoties, maar is geen gevoelloos persoon omdat hij in plaats daarvan de eupatheia heeft. Het verschil is dat hij zich niet laat meeslepen door zijn gevoelens, doordat zijn impuls in de juiste mate overeenkomt met de waarde van het object, doordat zijn impuls rationeel gedrag is en doordat hij over de aard van elk object het juiste oordeel vormt. Hij weet wat wel en niet binnen zijn macht ligt.

maandag 13 mei 2013

Nog een stoïcijns gedichtje

Mijn lapje grond is klein, en wat het opbrengt weinig,

maar beide geven mij een diepe rust.

De vrede in mijn hart is werkelijk onbezwaard,

niet vatbaar voor kritiek dat ik niets doe.

Laat anderen maar oorlog voeren en besturen,

en meer van dat soort 'grootse' dingen doen.

Als ik maar anoniem mag blijven, buiten het zicht:

zolang ik leef, ben ik dan eigen baas.

Een stoïcijns gedichtje


Alles verscheurt de tand des tijds, en alles snoeit hij,

alles verplaatst hij, niets blijft ongemoeid.

Rivieren verdrogen, de zee vlucht weg van de kust,

bergen vervallen, toppen storten in.

Kinderspel nog maar! De schitterende hemel

zal ooit door eigen vuur ontvlammen.

De dood eist alles. Sterven is een wet, geen straf.

Onze wereld zal eens niet meer bestaan.

zondag 21 april 2013

Geluk volgens de oude Grieken

Deepak Chopra is misschien niet direct een schoolvoorbeeld van een stoïcijns filosoof, maar dit is wel een heel stoïcijnse gedachte. Er is geen reden om gelukkig te zijn. Geluk is een levenshouding die onafhankelijk is van de omstandigheden. Een levenshouding die misschien niet altijd even makkelijk te realiseren valt, maar zeker niet gevonden kan worden in ons o zo populaire hedonisme. Tegenwoordig wordt geluk gemeten aan de hand van de hoeveelheid speelgoedjes die je hebt verzameld, je score op de populariteitsladder en het aantal spannende dingen die je hebt meegemaakt.




dinsdag 9 april 2013

MYSTIEKE IDEEËN VAN EEN OUDE MOPPERAAR


Volgens de oude Grieken kon je ethische vragen niet scheiden van wetenschappelijke vragen. De wereld van goed en kwaad was voor hen dezelfde wereld als de wereld van sterren, planeten en tafelpoten. Toen de eerste filosofen de verhalen over goden en godinnen niet meer voor zoete koek aannamen en naar andere verklaringen voor de dingen in de wereld begonnen te zoeken ontstond er meteen een groot ethisch probleem. Als natuurwetten de gang van zaken bepalen en niet de wil van de goden, hoe moeten de mensen zich dan gedragen?

Heraclitus was één van die eerste Griekse filosofen en wetenschappers die op die vraag een antwoord probeerde te vinden. Hij leefde 2.500 jaar geleden in Efeze, een destijds Griekse stad, in het huidige Turkije. Hij moest niet veel hebben van zijn medemens, die hij beschouwde als een kudde koeien die alleen maar bezig waren met eten, seks en dom vermaak. Andere mensen zouden hem zelfs zo hebben tegengestaan dat hij op een gegeven moment in zijn eentje de wildernis in wilde trekken. De hoge priesteres van Artemis hield hem tegen en vroeg hem om voor zijn vertrek zijn ideeën op te schrijven om het resulterende boek voor het nageslacht in de tempel van Artemis te bewaren. Na dat gedaan te hebben vertrok hij uit de stad en is nooit meer iets van hem vernomen.

Een enkele lezer zal dit verhaal ongetwijfeld aan de grondlegger van het Chinese Taoïsme, Lao Zi, doen denken. Gek genoeg houdt de overeenkomst daar niet op. De overgebleven fragmenten van Heraclitus zijn net zo raadselachtig als de Tao Te Ching, en lijken vaak naar dezelfde dingen te verwijzen.

Zijn beroemdste uitspraak is de stelling dat je nooit twee keer in dezelfde rivier kunt stappen. Als je een tweede keer in de rivier stapt stroomt er immers ander water doorheen. Alles is voortdurend in stroming; niets bestaat, niets is blijvend, maar alles vloeit en vervloeit. Alles wat we om ons heen zien, bestaat niet onafhankelijk van de rest van het universum, maar ontstaat, groeit 'stroomt' in verbinding met al het andere. Het universum is een dans van tegengestelden die permanent in elkaar overvloeien (these en antithese, yin en yang).

De Stoïcijnen namen deze dynamische kosmologie over en voegden er nog iets aan toe. Volgens hen zette het universum uit en zou het steeds groter worden tot het moment dat alles in een enorme vlammenzee uiteen gereten zou worden. Waarna alles weer opnieuw zou beginnen. Een idee dat na een paar duizend jaar in de vergetelheid te zijn geraakt, met de moderne astronomie weer helemaal terug is.

Achter de eeuwige beweging van tegenstellingen ligt volgens Heraclitus, en de Stoïcijnen, een verenigend principe. Achter de schijnbare chaos verschuilt zich een universele intelligentie, die Heraclitus de logos noemde. Alles verloopt in een vaste orde, volgens een universele natuurwet, die zich bewust is van zich zelf. Deze logos is eigenlijk 'de ziel van de wereld', de wereld is een openbaring van die logos. Al het bestaande, het hele universum is een uitkristallisering van de logos. Maar de logos is meer dan alleen het bestaande, het is zich ook nog eens bewust van zich zelf. Het weet dat het bestaat en het weet wat het is.

Deze 'theorie van alles' vormt de basis voor een ethisch systeem. De mens heeft (iets van) die logos in zichzelf. Hij is niet alleen een materieel onderdeel van het universum, hij is zich ook bewust van zich zelf en dat universum. Hij kan daardoor tot op zekere hoogte de orde in de wereld begrijpen, en zich één voelen met die wereld en de logos.

In navolging van Heraclitus is volgens de Stoïcijnen het doel van het leven het ontwikkelen van ons bewustzijn. We moeten onze egoïstische beperkingen overstijgen en ons bewustzijn uitbreiden om zo contact te kunnen leggen met het universele bewustzijn. Om dit kosmisch bewustzijn te bereiken moet je afstand nemen van egocentrische verlangens en afkeren. Vanuit een kosmisch perspectief bestaat er geen "goed of kwaad". Alles is zoals het behoort te zijn. Volgens Heraclitus kan alleen de wijze, verlichte mens boven de chaos van tegenstellingen uitstijgen en zo de schoonheid van de logos als geheel aanschouwen.

Zelfs voor een filosoof is Heraclitus een vreemde snuiter. Toch hebben vooral de Stoïcijnen veel van zijn ideeën overgenomen. Gelukkig zijn ze niet zo chagrijnig geworden als hun voorbeeld. Waar Heraclitus bekend staat als de "huilende filosoof" staat de Stoïcijn Chryssipus juist bekend als de "lachende filosoof".



maandag 25 maart 2013

DE BANKENCRISIS EN HET STOICISME


Beroof een bank van enkele tienduizenden euro’s en je loopt een goede kans een jaar of tien in de cel te belanden. Leidt een bank en laat door roekeloos winstbejag de wereldeconomie instorten en het ergste wat je kan overkomen is een gouden handdruk van een paar miljoen.
Dubieuze en vaak ronduit illegale beleggingen hebben de nationale en internationale economie ernstige problemen opgeleverd. De schandalen volgen elkaar in hoog tempo op. De publieke verontwaardiging is groot, maar van reële maatregelen om de bankiers en neoliberalen aan banden te leggen is geen sprake. Een verontwaardiging en volkswoede die trouwens wel wat schijnheiligs heeft. De jongens van het snelle geld in hun maatpakken en snelle bolides zijn immers jarenlang de grote voorbeelden en de helden van onze wereld geweest.

Wat is er aan de hand? Waarom wil het maar niet lukken om deze witteboordencriminaliteit aan te pakken? Veel van de dubieuze handelingen zijn gewoon legaal, maar dat verklaart lang niet alles. Er blijven nog genoeg witwaspraktijken, dubbele boekhoudingen, omkopingsschandalen en andere frauduleuze praktijken over om een serieuze vervolging van onze bankiers mogelijk te maken. En toch gebeurt dat niet. Ondanks een enorme publieke verontwaardiging wil de juridische vervolging en bestraffing van deze mensen niet van de grond komen. Ook een aanscherping van de regelgeving die goochelpraktijken met miljarden aan banden zou kunnen leggen wil maar niet tot stand komen. Ons gevoel voor rechtvaardigheid lijkt vast te lopen in een moeras van grote internationale bedrijven. Een rechtstreekse bestraffing van een bankrover is veel makkelijker. Het is duidelijk wat hij heeft gedaan en wie hij heeft benadeeld. Het wordt stukken moeilijker om hetzelfde te doen bij een ondoorzichtige organisatie waar honderden mensen in een ondoorzichtige brei van transacties miljarden weten weg te toveren zonder dat er één persoon duidelijk verantwoordelijk voor is. 
Onvoldoende regulering en ondoorzichtige handelspraktijken maken de aanpak van de internationale financiële sector al een stuk moeilijker. Daarnaast bestaat er ook nog het systeem van de lobbyisten. Voor iedere volksvertegenwoordiger staan tientallen goed betaalde lobbyisten klaar om hem of haar van hun belangen te overtuigen. Dit is een systeem dat op zijn minst op de grens van het toelaatbare ligt en zoals uit allerlei omkopingsschandalen blijkt regelmatig die grens overschrijdt. Gelukkig lopen niet alle volksvertegenwoordigers achter het advertentiegeld van het bedrijfsleven aan. Toch leidt al die verontwaardiging nog steeds niet tot echte veranderingen.

De hele machinerie komt knarsend en puffend tot stilstand. Een ding is in elk geval duidelijk om de boel weer op gang te krijgen: moet er iets fundamenteels veranderen aan de heersende graaicultuur. De op het moment beschikbare middelen om het aan te pakken werken niet. Maar wat werkt dan wel? De teloorgang van het communisme heeft ons geleerd dat overregulering tot een onwerkbare inefficiëntie leidt. Het geldbelust neoliberalisme heeft inmiddels de hele wereld in een crisis weten te storten. Wat blijft er nog over? Een nieuw moreelbesef? De waarden en normen van de jaren vijftig hebben inmiddels ook wel afgedaan.
Het wordt tijd dat de neoliberale zakenman en de door lobbyisten achtervolgde politicus hun sociale verantwoordelijkheid nemen. Het vergaren van zoveel mogelijk geld en luxe is niet de enige waarde in het menselijk bestaan. Misschien is het tijd om terug te grijpen op de antieken. De door Aristoteles uitgevonden en door de stoïcijnen geperfectioneerden deugdenethiek zou een goede ingang kunnen zijn.
In die deugdenethiek gaat het niet om het volgen van een setje waarden en normen, maar om het perfectioneren van je karakter. De deugd wordt op die manier een karaktertrek. De deugdenethiek van het stoïcisme biedt een systeem waarin de mens en de maatschappij centraal staan en niet alleen het persoonlijk gewin. Net als in het liberalisme ben je als stoïcijn verantwoordelijk voor je eigen ontplooiing, maar die zelfontplooiing moet je vervolgens wel in dienst stellen van de maatschappij. Je kunt je niet rücksichtslos richten op het verwerven van rijkdom, de mensheid als geheel staat altijd op de eerste plaats. Een op deze manier deugdzame bankier zal dus niet alleen proberen de winst van zijn cliënten te maximaliseren om zo een zo hoog mogelijke bonus op te strijken. Nee hij zal vooral kijken naar de maatschappelijke functie van zijn bank. En ook een politicus zal zich niet langer voor het karretje van de lobbyisten laten spannen, maar keuzes maken die het algemeen belang dienen en niet het belang van de neoliberale zakenman.