zaterdag 14 februari 2026

Epictetus en de zanger met plankenkoorts


Een van Epictetus’ leerlingen was een in zijn tijd populaire muzikant. Het was een zanger die zichzelf op de citer begeleidde. Dit popidool kreeg op een gegeven moment last van plankenkoorts en durfde tot wanhoop van zijn fans nauwelijks meer op te treden. Ten einde raad zocht hij hulp bij de filosoof Epictetus. Die zei dit tegen hem:

“Als ik iemand zie die bang is, vraag ik me altijd af: 'Wat wil hij nou eigenlijk?’ Dat moet wel iets zijn dat buiten zijn macht ligt, anders zou hij niet zo bang zijn. Als je in je eentje aan het repeteren bent, ben je niet bang en zing je prachtig, maar op het podium sta je doodsangsten uit. Het gaat je er dus niet alleen om dat je mooi kunt zingen en spelen. Je wilt ook applaus hebben en daar heb je nu net geen invloed op.” (Epictetus; Colleges; boek II; hoofdstuk 13)

De stoïcijnse tweedeling tussen de dingen waar we wel en geen macht over hebben komt ook hier weer tevoorschijn. De zanger verstaat zijn kunst en hij heeft zich goed voorbereid. Hij heeft alles gedaan wat in zijn macht ligt om een mooie voorstelling te geven. Er is geen enkele reden om bang te zijn. De angst moet dus wel veroorzaakt worden door de onderliggende vrees dat het publiek zijn optreden niet mooi zal vinden. Het enige wat hij daartegen kan doen heeft hij al gedaan: hij heeft gerepeteerd en zich naar zijn beste vermogen voorbereid. Er is geen enkele rationele reden om bang te zijn. Epictetus wil de muzikant laten zien dat hij een duidelijk onderscheid moet maken tussen de dingen waar hij zich wel druk over moeten maken (zijn repetities) en de dingen waar hij niets aan kan doen en zich geen zorgen over hoeft te maken (het applaus van het publiek).

Natuurlijk kan er ook als je goed voorbereid het podium op gaat iets mis gaan. De popidool van Epictetus kan een kikker in zijn keel krijgen, of er kan een snaar van zijn citer springen. Maar wat is nu eigenlijk het ergste wat er kan gebeuren. Een zaal met mensen die hem uitfluiten en boe roepen. Meer niet. Een groep mensen die het kennelijk nodig vinden om hun ongenoegen te uiten. Misschien vervelend, maar in stoïcijnse ogen nou niet direct een ramp. Als stoïcijnse zanger was hij er toch al niet op uit om de waardering van anderen te verkrijgen. Het enige wat hij echt wilde was zijn best doen om mooi te zingen en spelen. Epictetus’ les voor onze bange zanger komt hierop neer:

1. Focus u op wat u kunt beïnvloeden (uw voorbereiding, uw inzet).

2. Aanvaard dat de rest onzeker is (het oordeel van het publiek, toeval, pech).

Ook tegenwoordig is angst een van de belangrijkste passies. Soms lijkt het wel alsof er een angstepidimie heerst. Angst, piekeren en zorgen zijn familie van elkaar: ze verschillen alleen in intensiteit. Waar piekeren en zorgen als een zeurend stemmetje in uw achterhoofd zitten, eist angst uw volledige aandacht op. Angst is een evolutionair oude en belangrijke emotie die noodzakelijk is om gevaarlijke situaties te kunnen vermijden. Zodra uw reptielenbrein meent dat er gevaar dreigt wordt er een stoot adrenaline in uw bloed gepompt, gaan uw hartslag en bloeddruk omhoog en spannen uw spieren zich. Uw lichaam is klaar om te vluchten of vechten. Handig als er een sabeltandtijger (of waarschijnlijker een vrachtwagen) aankomt stormen, maar vervelend als de dreiging alleen in uw hoofd bestaat.

Voor de stoïcijnen was angst (bangheid) één van de vier basisemoties (naast bedroefdheid, blijdschap en begeerte). Ze erkenden dat angst soms gepast is als een ‘eupatheia’, een gezonde reactie op echt gevaar. Maar als angst irrationeel wordt (angst voor muizen, hoogtes, sociale afwijzing of vaag toekomstig onheil) dan is het een ‘passie’: een destructieve emotie die uw leven kan vergallen. De stoïcijnen zagen dus in dat angst onder bepaalde omstandigheden gepast is. De ellende begint echter op het moment dat er helemaal geen acuut gevaar dreigt. Als u bang wordt van muizen, open ruimtes, mensenmassa’s of als u door stress een onbestemd angstgevoel hebt, is er sprake van een bijzonder vervelende passie. Ook plankenkoorts, faalangst en meer van dat soort angsten zijn buitengewoon vervelend en kunnen uw functioneren nadelig beïnvloeden en uw leven bijzonder onaangenaam maken. Angst wordt in de woorden van de stoïcijnen dan de irrationele verwachting dat er iets vervelends gaat gebeuren of dat iets aangenaams niet verkregen kan worden.

Moderne angst is zelden rationeel. Tegenwoordig is angst vooral een akelige passie die uw plannen en levenskwaliteit heel negatief kan beïnvloeden. Kortom, het is een emotie waar u doorgaans liever van af wilt. Angst wordt irrationeel wanneer we bang zijn voor:
  • Oordelen van anderen (collega’s, baas, vrienden).
  • Hypothetische rampen (ziektes, ongelukken, financiële tegenslag).
  • Dingen waar we geen controle over hebben (muizen, kleine ruimtes, het weer).
Deze angsten belemmeren ons zonder enige praktische waarde. Ze maken ons leven kleiner, terwijl ze niets toevoegen aan ons welzijn of onze virtuositeit. Dat is niet hetzelfde als dat het onderwerp van uw irrationele angsten niet van belang zou zijn. Het zijn echter dingen waar u geen volledige controle over hebt en die dus niet nodig zijn voor een virtuoos leven. Wat voor een gelukkig en virtuoos leven wel van belang is en waar u wel wat aan kunt doen, zijn bijvoorbeeld het voldoende zorg aan uw gezondheid, uw relaties en bezittingen besteden. U doet uw best. Daar draait het om en als u dat op orde hebt, hoeft u zich over de uitkomst van uw inspanningen niet druk meer te maken.

Veel angsten lenen zich prima voor een rationele relativering. De zanger van Epictetus kan zich met de ‘premeditatio malorum’ oefening wel voorbereiden op een wereld waarin er nu eenmaal dingen fout lopen. En als het dan toch uit de hand dreigt te lopen en de angst zijn plek opeist, kan onze zanger met stoïcijnse mantras tegen de angst nog een laatste poging doen om zichzelf toch nog onder controle te krijgen. Als angst toeslaat, hebben de stoïcijnen twee krachtige technieken:

1.De ‘Premeditatio Malorum’ (Voorbereiding op het ergste).
Stel u voor wat er mis kan gaan. Door u allerlei rampscenario's voor de geest te halen bent u voorbereid als er werkelijk iets fout zou gaan. Vraag u daarbij wel af of het waarschijnlijk is dat al die ellende ook echt gaat gebeuren. Bedenk vervolgens of u er iets tegen kunt ondernemen als het toch gebeurt. Dit ontkracht de angst door hem concreet en hanteerbaar te maken.

2. De stoïcijnse mantra
Herhaal in gedachten: "Dit is een indruk en niet de werkelijkheid" of “Ik sta sterk in het heden en aanvaard wat is zonder angst of twijfel.”

Angst is niet uw vijand, maar is een signaal. Het is een alarmsignaal dat veel te scherp staat afgesteld. Soms waarschuwt het voor echt gevaar; vaak is het een valse alarmbel. Het stoïcijnse antwoord: Accepteer wat u niet kunt veranderen. Handel daar waar u wel invloed hebt. Relativeer uw angst met rede in plaats van mee te gaan in paniek. Zo wordt angst niet uw meester, maar uw leraar, een herinnering om uw focus te houden op wat er echt toe doet.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten